dinsdag 23 april 2019

De Madonnina del Grappa van Sestri Levante

Na bijna tien dagen ben ik weer aan het lopen. Ik heb mezelf ernstig toegesproken om vooral niet te veel te willen, veel rust te nemen onderweg en ook niet te hard willen lopen. Dus staat er vandaag ‘maar’ 20 kilometer op het programma. 
Het is bewolkt en de regen varieert tussen regen, motregen, miezer en bijna droog. Dat maakt het plan om veel te rusten onderweg wel tot een uitdaging. Het is lastig om droge plekjes te vinden op het juiste moment. 
En de route begint ook nog eens met een stevig klimmetje. Dus al snel heb ik het idee dat de poncho van binnen net zo nat is als van buiten. Bij de eerste pauze van de dag in een bar in Zoagli gaat de trui uit en hou ik alleen een t-shirt aan onder de poncho. Veel beter. 
Een stukje verder loop ik, ondanks de regen, ineens te zingen en te fluiten. Het gaat best lekker zo. 
De Sanctiario de Santa Maria della Grazia is niet alleen een prachtig kerkje. Er is ook een overdekte plek om even te zitten en te eten. Hier moet ik Maria zeker voor bedanken. Als ik verder loop bedenk ik waar ik nog meer dankbaar voor ben: dat ik zomaar drie maanden door Italië kan wandelen, dat er vrienden voor me klaar staan als het even tegenzit, dat er thuis iemand op me wacht die van me liefheeft. En ik haar. Zo wordt het best een filosofische tocht. Maar het gefilosofeer wordt onderbroken door steeds natter wordende kuiten. Het water loopt langs de poncho naar beneden en drupt daar op mijn broekspijpen.  Ik rol de pijpen op, in een poging om dan in ieder geval mijn broek nog een beetje droog te houden. Heel elegant ziet het volgens mij niet uit, die blote benen onder een poncho. 
Wel elegant is Chiavari, het volgende stadje waar ik doorheen kom. De arcaden die langs de hoofdwegen staan maken het mooi en levendig. En onder de arcaden kan ik ook een flink stuk droog lopen. Ik wordt wel netjes gewaarschuwd door de gemeente: het is weercode geel vandaag. 
Na Chiavari en het minder mooie Lavagna gaat het pad weer omhoog. Omdat ‘bijna droog’ is overgegaan in ‘echt droog’ en zelfs de zon een poging lijkt te wagen om door te breken, doe ik eindelijk de poncho uit.  Om hem vijf minuten later weer aan te doen. We schakelen snel door van droog naar mot naar miezer naar een een beetje, om te eindigen met een stationaire flinke regen. Ik loop over een prachtig bos/bergpad maar twee dingen zijn nu niet handig in de regen: pauzeren en wandelstokken pakken. Dus ik loop voorzichtig (en dus rustig, dus dat is goed) door om uiteindelijk druipend en inmiddels ook hongerig en koud aan te komen bij mijn eindbestemming in Sestri Levante.  de Opere della Madonnina del Grappa. 
Dat klinkt alsof er een goede borrel voor me klaar staat. Maar helaas. Het is een voormalig weeshuis/seminarie dat is opgericht aan het einde van de Eerste Wereldoorlog door de moeders en weduwen van gesneuvelde soldaten. De Monte Grappa (waar die Madonnina staat) was een van de grootste slagvelden van Italië. En ja, de Monte Grappa is ook het gebied waar de Grappa vandaan komt. En de Monte Grappa was ook de berg die Joost en ik tijdens ons afstudeeronderzoek bij goed weer konden zien vanuit ons appartement. Dus goede redenen om hier voor een overnachting aan te kloppen.
Geen welkomstborrel dus. Wel een warme douche waar ik heel erg dankbaar voor ben. 


Medische ps: Na 22 kilometer en toch ook nog 850 hoogtemeters lijken kuit/scheen/enkel het goed te doen.

maandag 22 april 2019

Terug naar de kust

Het is fijn om de rugzak weer in te pakken. Inmiddels heeft alles zijn eigen plekje gevonden in zakjes en onder- dan wel bovenin. Met de waterfles altijd centraal tegen mijn rug aan en de stokken aan de buitenkant. In de badkamer staat een weegschaal en dat biedt de kans om mezelf én de rugzak te wegen. 70,5 kilo zonder rugzak en 80,5 kilo met de volle rugzak. Prima. Het zou altijd lichter mogen, maar tot nu toe heb ik alles ook echt nodig gehad, op korte broek en zwembroek na. 
Ik leg de omgekeerde route af van een week geleden. Eerst een stukje lopen naar de metro. Het zijn de eerste stappen met rugzak in een week. Hoewel nog een beetje stijve kuitspier, gaan die eerste stappen prima. 
Dan metro en vervolgens weer met de trein naar Genua. Ik laat de grote stad en het vlakke land achter me. In Genua stap ik over  en met een stoptreintje rij ik weer langs de kust. 
In Rapallo ziet het er heel anders uit dan vorige week. Veel meer toeristen (het is hier paasvakantie), de boulevard is weer helemaal gerepareerd, en de laatste scheepswrakken zijn ook verdwenen.
Ook anders is mijn onderkomen. Geen heel appartement voor mezelf, maar een kamer in een appartement dat ik deel met een andere gast. Wel uitzicht op de kerk van Rapallo. 

Het is druk op de boulevard van Rapallo. Veel mensen groeten elkaar alsof ze elkaar lang niet gezien hebben. Inclusief een ‘hoe gaat het met de kinderen’ of ‘hoe is het met je ouders.’ Ik vermoed dat het voormalige kinderen uit het dorp zijn die nu hun brood verdienen in Milaan of andere steden in het noorden. Het onderstreept nog maar eens het verschil dat ik vandaag ook weer heb meebeleefd tussen Milaan en de Ligurische kust. Waar de stad bruist, leeft en geld verdient, is de kust ingeslapen, vergrijsd en komt pas echt tot leven ik de zomer.
Wat de afgelopem week niet veranderd is, is het weer. Het is bewolkt en morgen gaat het regenen, maar ik heb toch een ongelofelijke zin om weer te gaan lopen. Zelfs als dat met een poncho is. 

zondag 21 april 2019

Te veel thuis in Milaan

Het wordt echt tijd dat ik weer in de benen kom. Deze Paaszondag lijkt verdacht veel op een rustige zondag thuis. Ik fiets naar het station om gedoe met mijn via internet gekochte e-ticket op te lossen. Op de terugweg schijnt de zon en zie ik mensen door het park hardlopen. Dat is normaal gesproken thuis ook mijn zondagbezigheid. Weer terug bij het huis van Joost, dat als thuis voelt, doe ik een laatste wasje zodat alles weer schoon de rugzak in kan. ‘s Middags kijk ik de Amstel Gold Race op tv. Ik juich in mijn eentje voor de winst van Van der Poel. 
Veel te gewoon allemaal. Daarvoor ben ik niet naar Italië gekomen. Gelukkig ga ik morgen weer terug naar Rapallo.